Jurriën Hamer – Waarom schurken pech hebben en helden geluk

Impressie van de bijeenkomst van het Filosofisch Café Haarlem op 23 november 2022

Op deze avond hield Jurriën Hamer voor 100 aanwezigen een inleiding over zijn boek Waarom schurken pech hebben en helden geluk.

Jurriën Hamer (1988) is senior onderzoeker binnen het thema digitale samenleving van het Rathenau Instituut. Jurriën studeerde rechten en filosofie en promoveerde in 2017 aan de Universiteit Utrecht. Jurriën publiceert in kranten zoals Trouw, de Volkskrant en De Correspondent en is medeoprichter van het filosofieblog Bij Nader Inzien. Met Waarom schurken pech hebben en helden geluk heeft Jurriën de Socratesprijs 2022 gewonnen. www.linkedin.com/in/jurriën-hamer

Jurriën begon zijn inleiding met te zeggen dat de vrije wil wel het onderwerp is van zijn boek maar niet het doel. Het doel is om te kijken naar hoe wij omgaan met verdienste. Als iets goed is geven we een beloning en als iets slecht is geven we straf.

Als een timmerman bijvoorbeeld een deur maakt en hij doet dit goed dan krijgt hij een beloning. Als je Elon Musk bent en je doet meer dingen goed dan verdien je miljarden. Als je de batterij steelt van de elektrische bakfiets van Jurriën Hamer dan ben je slecht en verdien je straf, vergelding moet plaats vinden, de dader moet lijden.

Dit is het dominante idee van onze neoliberale samenleving. Ten opzichte van de jaren 90 zijn door de neoliberale samenleving de straffen harder geworden en is de vermogensongelijkheid vergroot. Dit boek is te zien als een pijl die de “verdienste” van het kapitalisme wil raken en het strafrecht wil ombuigen naar herstelrecht.

Jurriën geeft aan dat de vrije wil die hij bekritiseert een specifieke invulling is van de vrije wil, de libertaire vrije wil (LVW). De LVW gaat ervanuit dat jijzelf de ultieme oorzaak bent van jouw keuzes. De tegenhanger is dat jouw keuzes een gevolg zijn, gedetermineerd zijn door de omstandigheden.

Bij de coronarellen in Eindhoven kwalificeerde Rutte de relschoppers als “Tuig dat zelf heeft gekozen om te rellen”. Dit laat weinig ruimte over voor de omstandigheid dat jonge mensen zich maanden binnen aan het vervelen waren. Of de keuze van Jurriën om rechten te gaan studeren: kwam dat plotsklaps uit hemzelf naar boven of heeft de aandacht van de familie hier ook aan bijgedragen? Als de vrouw van Jurriën voor de zoveelste keer haar sleutels vergeet, dan heeft ze dat natuurlijk bewust gedaan om hem te pakken, met drukte op haar werk of met de kinderen had ze rekening kunnen houden. Jurriën geeft aan dat hij niet geïnteresseerd is in excuses, hij wil het “fout zijn” op zijn vrouw kunnen plakken en dan zorgen dat zij dat goedmaakt, door bijvoorbeeld lekker te koken.

Succes of falen hangt heel sterk af van wilskracht en impulsbeheersing. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat dit voor 60% door de genen wordt bepaald en voor 40% door opvoeding in de vroege kindertijd, tot 7 jaar. De gevangenis blijkt vol te zitten met slechte impulsbeheersers, die slaan er namelijk sneller op, maar dan niet uit LVW.

De wetenschap houdt zich bezig met nature – nurture onderzoek en ziet de LVW als per definitie onwetenschappelijk, als een onbewogen beweger. Bij het inlezen over de vrije wil zag Jurriën dat de gelovers in de LVW in de minderheid zijn en dat de meerderheid de compatibilistische vrije wil aanhangt. Hierbij geven de hersenen, met nadenken, de start van één in vrijheid genomen beslissing. Dit vermogen van de hersenen om na te denken, om te reflecteren, is ongelijk verdeeld, sommigen hebben hierbij geluk en anderen pech. Nadat de batterij van zijn bakfiets was gestolen, en hij via de ringcamera van de buren had gezien dat de boef hier slechts 5 seconden voor nodig had, heeft hij een oplossing bedacht: een extra slot erop en ‘s nachts de batterij naar binnen.

Jurriën kon dit doen omdat hij met een goed startkapitaal is begonnen. De kloof tussen enerzijds de hoogopgeleiden, die trouwen met andere hoogopgeleiden en dan kinderen krijgen die zij, dankzij hun hoge inkomens, ook een goede scholing en culturele educatie kunnen aanbieden, en anderzijds de laagopgeleiden, is de laatste 30 -40 jaar steeds groter geworden. Dit verschil eist een grotere solidariteit.

Jurriën is tegen de LVW als argument om de verdienste toe te kennen. In het eerste gedeelte van het boek beschrijft hij wat ons bindt aan de LVW.

1.     Macht
Al eerder noemde Jurriën het afdwingen van een compensatie voor een vergissing: sleutels vergeten dan compenseren met lekker koken. Maar als jij bijvoorbeeld veel beter functioneert dan je collega’s dan kan je bij het functioneringsgesprek ook beter zeggen dat het jouw verdienste is dan dat je geboft hebt. Of de cursussen en boeken die het verhaal vertellen dat als je iets echt wilt, dat dan je dromen kunnen uitkomen.

2.     Geluk
Mensen zijn gelukkig als zij hun diep gekoesterde plannen, dromen en wensen kunnen realiseren. Daarnaast worden mensen gelukkig van betekenisvolle relaties met anderen en op zijn tijd een geruststelling om vol goede moed de nieuwe dag bij de horens te vatten. Met het geloof in de LVW heb je de vrijheid om je geluk na te jagen en ga je stappen zetten om je droom van het worden van concertpianist te bereiken of ga je het gevecht aan om een enge ziekte te overwinnen.
In de realiteit overkomen je dingen zoals de klimaatramp, een burn-out of overgewicht. Je hebt hier niet uit vrije wil voor gekozen. Gelukkig staan er in de bestseller top-50 altijd wel boeken over het geheime van de juiste keuzes maken om deze tegenslagen te overwinnen.
Aristoteles wist al dat je een beetje geluk nodig hebt om gelukkig te zijn.

3.     Moraal
Het geloof in de LVW is een verleidelijke grondslag voor onze moraal. Wat goed is kan je belonen en wat kwaad is kan je straffen, diegene moet lijden. De tendens in het strafrecht in Nederland is naar langer opsluiten en langer laten lijden. De wetenschap levert al jaren bewijzen dat deze intuïtieve, Law and Order -maatregelen van de VVD niet bijdragen aan het corrigeren van de daders en aan een veiliger Nederland.

Maar hoe dan wel?
In het tweede gedeelte van zijn boek onderzoekt Jurriën hoe je een moraal kan funderen zonder verdienste. Hij geeft aan dat het strafrecht een aantal doelen heeft zoals preventie, reparatie en vergelding. Preventie, door opsluiting voorkomen dat een dief nog eens steelt of het afschrikken van andere dieven, en reparatie, het herstellen van de schade van de misdaad, zijn belangrijke instrumentele doelen waar hij volkomen achter staat. Tevens geeft dit een bepaalde genoegdoening aan de slachtoffers.

Maar met het steeds zwaarder straffen uit hoofde van vergelding gaat het mis, zeker als je gelooft dat de daders hun daad niet hebben verricht uit LVW. Het doel van het strafrecht wordt niet bereikt, Nederland wordt niet veiliger en de daders krijgen niet de mogelijkheid om hun disfunctionele levenswijze aan te passen. Sterker nog, het is wetenschappelijk bewezen dat opsluiting van 23 uur per dag in een cel detentieschade veroorzaakt aan de hersenen van de gevangenen, die al een slechte impulsbeheersing hadden, waardoor de recidive omhoog gaat.

Jurriën ziet liever de aanpak van de Noren bij hun gevangeniseiland Bastoy. Hier worden de gevangenen met waardigheid behandeld, ze doen nuttig werk en genieten veel vrijheden en kunnen leren hoe ze als verantwoordelijke mensen weer mee kunnen doen aan de samenleving. Hier is de recidive spectaculair gedaald.

Jurriën geeft aan dat het zijn missie is om het strafrecht te bevrijden van de LVW en van de vergelding.

Naast het strenger straffen is de vermogensongelijkheid de laatste jaren toegenomen. Jurriën vindt dat dit nergens goed voor is. Je kan wetenschappelijk onderzoeken hoe dat zo gekomen is door te kijken naar de oorzaken en de gevolgen en je er niet gemakzuchtig bij neer te leggen dat de rijken met hun LVW betere keuzes hebben gemaakt.

Die LVW is een soort goocheltruc, niemand gebruikt het maar het werkt wel. Jurriën is meer van het onderzoeken, dat je een probleem alleen kan oplossen door het eerst te begrijpen. Je moet nieuwsgierig blijven, andere oplossingen bedenken, andere aangrijpingspunten zoeken om te helpen. Met name bij drugsverslaafden is dit ingewikkeld maar vaak wel mogelijk. En natuurlijk heeft ook Jurriën af en toe zijn ‘libertaire momentjes’.

Tot slot zegt Jurriën dat hij niet uit principe tegen strengere straffen is, mits je kan beargumenteren welk doel ermee wordt bereikt. En dat hoewel de Verlichting al lang geleden is, er wel een extra lampje op de werking van het strafrecht mag worden gezet.

Na dit plotsklapse einde klapten de aanwezigen luid voor zijn vlammende inleiding.


Na de pauze startte de dialoog

De 1e vragensteller verwonderde zich over de affaire met Matthijs van Nieuwkerk, waarom zijn geen van die medewerkers eerder gestopt of eerder naar de pers gegaan?
Jurriën vindt het ook tragisch wat er is gebeurd, voor mensen die dit overkomt is het vaak moeilijk om die keuze te maken, er is sprake van angst en een zekere afhankelijkheid. Je ziet dat dit probleem ook optreedt bij seksuele intimidatie, het is universeel. Met alleen de daders aan het kruis nagelen kom je er niet. De organisatie heeft deze risicovolle omstandigheden laten bestaan en hem niet gecorrigeerd. Hier blijkt maar weer dat macht slecht is.

Hoe is het gekomen dat mensen moeite hebben om te zeggen: dit wil ik niet, stoppen?
Ja er zijn allerlei analyses, in de media wordt nu het verband gelegd met de flexcontracten. Op de universiteiten zie je bijvoorbeeld de afhankelijkheid van een promovendus van een promotor. Hij kan niet kritisch zijn want de promotor heeft de macht en kan de promovendus zwart maken in zijn netwerk waardoor de promovendus niet verder kan in zijn vakgebied.

De wetenschap is gestoeld op de wetten van oorzaak en gevolg maar je hebt ook de kwantummechanica met haar onzekerheden, is dat te vergelijken met de vrije wil?
In het begin van mijn boek ga ik kort in op de relativiteitstheorie van Einstein en de Nobelprijswinnaar Gerard ’t Hooft die zich met kwantummechanica op celniveau bezig houdt. Maar deze introductie van kansen is niet te vertalen naar een vrije wil in je hersenen. De wereld bezit een zeer hoge mate van natuurkundige determinatie.

Als het denkproces rationeel is waar komt dan intuïtief en irrationeel handelen vandaan?
Een deel van het handelen van de mens is instinctief, dat is helemaal geen vrije wil, dat is niet rationeel, maar gebaseerd op angsten en driften. Dit bevestigt dat de mens niet volkomen gedetermineerd is.

Met alle (sociale) media zie je de druk toenemen om overal direct op te reageren. Is er nog wel tijd voor reflectie?
Eens, het wordt steeds moeilijker om tijd te maken om te reflecteren over wat voor jou het leven de moeite waard maakt, hoe jij je als mens verder kan en wil ontwikkelen, hoe je dingen met aandacht kan doen. Af en toe toch even de digitale omgeving stopzetten.

De vermogens om te reflecteren, om een beter mens te worden, zijn een product van de opvoeding en de genen, en deze zijn toch ook ongelijk verdeeld?
Ja dat klopt, de één kan beter reflecteren dan de ander. Met de leeftijd neemt dit vermogen in het algemeen wel toe. Tot men uiteindelijk op zijn sterfbed terugkijkt op zijn leven en zegt: dit was mijn lot.

Even terugkomend op die bakfiets uit jouw inleiding. Als jij extra beschermingsmaatregelen neemt dan gaat de dief wel naar de buren. Is dit wel een oplossing want het gedrag van de dief is niet aangepakt?
We hebben met de camerabeelden wel geprobeerd om de dader te laten oppakken, maar dat is niet gelukt. Ik ben zeker niet voor wetteloosheid, het strafrecht is nog steeds relevant en moet consequenties hebben voor de dader. Maar liever heropvoeden dan vergelden.

Ik heb Wij zijn ons brein van Dick Swaab gelezen en denk op basis daarvan dat straffen is om iets te leren. Klopt dat?
Jurriën geeft aan dat hij met Swaab wetenschappelijk op één lijn zit en dat hij zelfs een bemoedigend briefje van waardering van Swaab heeft ontvangen over zijn boek. Helaas wilde Swaab, na een week denken, niet een aanbeveling schrijven voor de cover van dit boek.

Hoe wordt met de verschillen in toerekeningsvatbaarheid rekening gehouden bij de strafbepaling?
Toerekeningsvatbaarheid verschilt gradueel bij mensen. Iedereen heeft wel een aandoening of is ergens van afhankelijk. Voor mensen die in een psychose een misdaad begaan is er wel het begrip dat straf dan niet helpt. Maar de meeste gevangenen hebben een slechte impulsbeheersing, deze kan trouwens wel inzichtelijk worden gemaakt op een schaal van 0 – 7, maar er is nog geen relatie met de straf-, of liever met de herstelmaatregelen.

Het vergeldingsprincipe zit kennelijk zo diep bij de mensen dat ik me afvraag of je niet bezig bent met een kansloze kruistocht?
Nou jammer dan, dan ga ik maar weg, tot ziens (grapje). Nee ik heb toch hoop, ik krijg concrete signalen uit politiek Den Haag dat men een ander narratief wil, meer herstelrecht. En zeker de laatste tijd liggen de neo-liberalen onder vuur want de schade van hun beleid is te groot.

U sprak over verdiensten; hiermee verwant is het werkwoord verdienen. Hoe nu om te gaan met mensen die veel geld verdienen zonder morele verdienste?
Ja, het kapitalistische systeem is in een bepaald opzicht corrupt. In dit systeem kan je ook heel veel mazzel hebben of de pech dat je wel hard moet werken maar weinig verdient. Vandaar mijn pleidooi voor belonen zonder rekening te houden met de individuele verdiensten. Een betere en gezondere manier is bijvoorbeeld een familiesysteem, waarin iedere individuele verdienste wel wordt gewaardeerd maar niet bepalend is voor de verdeling van de totale verdiensten van de familie.

Met de multiculturele samenleving krijg je ook culturele verschillen. Hoe ga je in het strafrecht om met iemand die eerwraak pleegt?
Ik ben geen expert op dat gebied, in zijn algemeenheid moet je wel eerst begrijpen waarom zo’n dader de misdaad heeft begaan. De rechter moet niet klakkeloos een regel uitvoeren, maar kan natuurlijk ook niet eindeloos blijven relativeren. Misschien ligt de oorzaak van deze misdaad wel in het te weinig ondersteunen van de stromingen van de gematigde islam, waardoor de orthodoxe stroming aan kracht heeft gewonnen.

Net als het debat over de vrije wil kan je ook het religieuze debat tussen Luther en Erasmus plaatsen. Luther geloofde in de predestinatie en Erasmus was meer van het idee van de vrije wil. In de synode van Dordrecht in 1619 zijn de remonstranten, die de vrij wil en het geloof voor ruimte voor tolerantie aanhingen, uit de republiek verbannen. U bent hier in een remonstrantse kerk en ik wil u laten weten dat wij u als halve lutheraan toch welkom willen heten.
Ja, dan voel ik me hier toch even in het hol van de leeuw! Ik zie de vrije wil niet vaak samen met tolerantie. Predestinatie is niet bij de pakken neerzitten, nee, wij zijn mensen met vermogens, dit geeft hoop en kansen. En je hoeft je aan het einde van de dag niet schuldig te voelen dat je bepaalde doelen niet hebt gehaald, dit geeft troost.

Ik ben wel benieuwd wat dit debat over de vrije wil betekent voor scholing en opvoeding?
Ik ben geen onderwijsexpert zoals Luyendijk die oproept om iets te doen aan de onderadvisering. Je taak als ouder en als overheid is om de kinderen de beste mogelijkheden te bieden om goede mensen te worden en ze solidariteit bij te brengen. Dit zeg ik ook omdat ik fundamenteel anders denk over het meritocratische systeem, ik wil mensen bijstaan en kijken naar hun verhaal.

Hoe krijg je een omslag waarbij je de politieke macht verbindt met geestelijke rijkdom?
Dit is een grote vraag. Er zijn tekenen van hoop, bijvoorbeeld dat het huidige kabinet Rutte bezig is de rommel op te ruimen van de vorige kabinetten Rutte. En net als bij grote oorlogen kan de huidige klimaatcrisis een grote gelijkmaker worden.

Gerrit bedankte na deze laatste vraag Jurriën Hamer voor zijn vlammende betoog en zijn snelle en scherpe beantwoording van de vele vragen. Met een groot applaus vanuit de zaal werd deze enerverende avond afgesloten.

Gerrit van Elburg